FAMILIETAK

Familie Brunott

Een familietak door de generaties heen.

VERHALEN

Verhalen uit deze familietak

Een familienaam met een lange reis

Bij het onderzoek naar de familie Brunott komen verschillende plaatsen en generaties samen. Iedere nieuwe bron helpt om het verhaal achter de naam stukje voor stukje zichtbaar te maken.

Begrafenis van Lodewijk Brunott (stamvader)

De warme en droge zomer is voorbij en het late najaar is bijna ongemerkt overgegaan in een milde winter. Alleen wat natte sneeuw heeft hier en daar een grillig kraagje wit op de graftekens achtergelaten. Een kille wind heeft wat dorre blaadjes in zijn greep en tekent driftige waterrimpels op de plassen in het hoofdpad van de Zuidelijke Begraafplaats. Over een modderig zijpad bewegen zich uiterst behoedzaam twee mannen in de richting van een opengelegd graf. Op een kruispunt in hun weg gekomen, blijven zij staan, hun blik gebonden aan het somber tafereel daar, op korte afstand. Voor een open groeve staat een flinke, wat gezette vrouw in de kracht van haar leven, beheerst en moedig rechtop, haar verdriet verbergend achter een zakdoek. De kist is reeds gezonken, de overledene aan de kille aarde toevertrouwd. Kennelijk is zij de weduwe van de verstorvene. Haar blanke hand met forse, gebogen vingers die opvallend afsteekt bij de lange pretentieloze rechte mouw van haar mantel, houdt haar oudste dochter en jongere kinderen tegen haar aangedrukt. Haar rechter arm heeft zij troostend over de schouders van haar kleinste spruiten gelegd. Het lijkt alsof zij wat steun zoekt bij haar oudste zoon die vlak achter haar staat. Daar zijn ook haar andere jongens met strakke, bedrukte gezichten; zwijgend en verstild hebben zij gezien hoe de onvermijdelijke scheiding van hun goede- en zorgzame vader nu een feit is geworden. Met een lange blik op de groeve en een nauwelijks onderdrukte snik, wendt zij zich vastbesloten om en leunend op de arm van haar oudste zoon gaat zij, het hoofd geheven, gevolgd door haar acht kinderen, het middenpad af, terug naar de ingang. Onstuimige rukwinden maken de wandeling terug niet gemakkelijk en het is net alsof zij symbolisch voortekenen zijn van de moeilijke ogenblikken die zij in haar weduwestaat met negen kinderen in haar gevolg tegemoet gaat. Even buiten de begraafplaats, komen de twee mannen die van enige afstand hebben toegekeken, haar achterop. Het blijkende heelmeesters Johannes Jacobus Perez, die zich graag een oom van haar kinderen noemt, en Hubertus van der Voort, een goede huisvriend van de familie, te zijn. Intense droefheid en verslagenheid zijn van haar gezicht af te lezen als zij enige woorden met de beide heren wisselt. Maar fors en flink, het bruin, krullerig haar, slechts met moeite onder een eenvoudig zwart kapje gevangen gehouden, haar lange zwarte jas en rokken wapperende in de wind, staat zij daar – Catharina (Kaatje) Plantjé, de 42 jarige weduwe van Ludovicus (Lodewijk) Brunott. Dan allen tezamen, gaat men verder – op huis aan; de drogisterij in de Grote Houtstraat, het tweede huis van de vest.

Note: bij een eerder genealogisch onderzoek rond 1982 is dit schrijven ergens in Brabant getoond. De auteur is onbekend maar moet een goede bekende zijn geweest.

FAMILIEARCHIEF

Onderzoek

STAMBOOM

Generaties

Een overzicht van de familie door de verschillende generaties.

PERSONEN

Familieleden

Profielen met namen, plaatsen, beroepen en levensverhalen.

ARCHIEF

Verder bouwen aan het verhaal

Nieuwe verhalen kunnen via het beheerpaneel worden toegevoegd.

← TERUG NAAR CORBIFACTOR